Horeca op de Paardenmarkt?

kruimelgevallen

Er is voor de derde keer een omgevingsvergunning aangevraagd door de eigenaar van het complex aan de Paardenmarkt, het voormalig depot van het legermuseum, om een van de gebouwen in het complex te mogen gebruiken voor horeca.

Waar gaat het om? De aanvraag heeft betrekking op het gebouw tegenover de ingang van het complex aan de Paardenmarkt. Verzoek is dit gebouw te mogen gebruiken als restaurant (in de aanvraag horeca 1b genoemd). Bij de aanvraag is deze keer een schets bijgevoegd om welk gebouw het gaat, en wat de beoogde inrichting van het gebouw is. Verder is er een akoestisch rapport i.v.m. geluidseffecten op de omgeving, staan op de schets parkeerplekken ingetekend en zijn er de nodige schetsen i.v.m. hoe is omgegaan met de monumentale waarde. Geen info in de aanvraag over het waarom, en over de beoogde openingstijden.

horeca bgg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het geldend bestemmingsplan binnenstad, uit 2012, sluit gebruik voor horeca uit. Het complex heeft de bestemming ‘Creatief Grachtengebied’, en binnen deze bestemming mag geen nieuwe horeca gevestigd worden – ook niet via een wijzigingsmogelijkheid – , dus hier ook niet. Omdat de eigenaar dit toch wil, moet hij een omgevingsvergunning aanvragen om af te mogen wijken van het bestemmingsplan, dat dus nog maar onlangs door de gemeenteraad vastgesteld en waar bewust is gekozen voor geen mogelijkheden voor nieuwe horeca in woongebieden. Duidelijk zal moeten worden gemaakt dat er nieuwe inzichten zijn om anders te denken over de wenselijkheid van horeca in woongebieden.

Procedure niet adequaat

BBN vindt dat het niet goed is dat zo’n aanvraag om het gebruik ingrijpend te wijzigen in Delft loopt via wat ook wel de kruimelgevallenregeling wordt genoemd. Die regeling brengt met zich mee dat de ‘reguliere’ procedure uit de Algemene wet bestuursrecht wordt gevolgd, dezelfde procedure als bij iemand die b.v. een bouwvergunning aanvraagt. De reguliere procedure betekent geen ontwerp besluit van de gemeente, geen inspraak voorafgaand aan het definitieve besluit, geen betrokkenheid van de raadscommissie. De gemeente moet binnen 8 weken beslissen, en te laat betekent automatisch een positief besluit. Ben je het als belanghebbende niet eens met dit besluit, dan kom je direct in het formele bezwaar en beroep terecht. En daar vindt geen integrale belangenafweging meer plaats, maar slechts een marginale beoordeling of B&W in redelijkheid tot hun beslissing hadden kunnen komen. De gemeenteraad is dan al helemaal geen partij meer (want het is ‘onder de rechter’ -> zie het verwarrende debat in de gemeenteraad over de nieuwe plek van Dansschool Wesseling).

BBN vindt dit onwenselijk, omdat een goede belangenafweging zo onder druk komt te staan. Een gebruikswijziging naar horeca middenin een woongebied, is geen technische dingetje, maar is politiek. BBN pleit er voor dit soort aanvragen uit te sluiten van die snelle procedure. En dat kan ook, want B&W zijn bevoegd deze procedure te gebruiken en dus ook bevoegd hem niet te gebruiken; het is geen verplichting van de landelijke wetgever. Dat kost dan wat meer proceduretijd voor de aanvrager. Dat is dan maar zo, in het belang van de zorgvuldigheid. In dit concrete geval kan dat al helemaal geen probleem zijn: de eigenaar heeft al twee aanvragen ingediend, die steeds werden ingetrokken. Inmiddels zijn we daarom al een jaar verder.

En nu?

Hoe kan er verder gegaan worden met de vergunningaanvraag voor de Paardenmarkt? De aanvraag is immers al in behandeling. Wij zien in het algemeen een aantal opties in zo’n situatie:

  • B&W kan de aanvraag nu weigeren.
  • B&W kan de beslistermijn verlengen (met 6 weken – art. 3.9 lid 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)). Die langere periode kunnen B&W gebruiken om de raadscommissie om advies te vragen over de wenselijkheid om van het bestemmingsplan af te wijken en de mening van omwonenden in kaart te brengen.
  • B&W kan aangeven geen gebruik te willen maken van de kruimelgevallenregeling, en de aanvraag te laten lopen via de algemene regeling om te mogen afwijken van het bestemmingsplan, op grond van artikel 2.12, lid 1 onder a, sub 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Dat betekent een iets langere procedure, met een ontwerp-besluit en met inspraak hierop voor belanghebbenden.
  • B&W kan de indiener om aanvullende informatie vragen. Dan kan de beslistermijn van 8 weken worden opgeschort.

Onze conclusie is dat het weigeren van deze aanvraag de aangewezen weg is, en wel om de volgende redenen. Er is een recent bestemmingsplan. Horeca mag hier niet. Er is geen recent onderzoek waaruit blijkt dat de afweging achter het BP binnenstad moet worden herzien. Ook de aanvrager zelf geeft in de aanvraag geen motivatie waarom het bestemmngsplan opzij moet worden gezet.

En op termijn?

BBN is ongelukkig met de manier waarop in Delft de kruimelregeling wordt toegepast. BBN overweegt een voorstel te doen dat er op gericht is te kunnen te voorkomen dat in de toekomst opnieuw een ruimtelijk ingrijpende aanvraag kan worden ingediend die volgens de snelle procedure behandeld zou moeten worden. Delft loopt hier behoorlijk achter t.o.v. diverse andere gemeenten in Nederland.

 

Update 14 maart: Samen met de Belangenverenigingen OND en Zuidpoort hebben we de gemeenteraad een brief gestuurd met een voorstel voor een kruimelregeling, klik hier voor de brief.

geplaatst op 10 maart 2016