Dossier (grond)water

De werkgroep water heeft de afgelopen jaren veel documentatie over wateroverlast en maaivelddaling verzameld. De belangrijkste documentatie vindt u hier. De documentatie is onderverdeeld in de volgende zes categorieën:

Als u op een van de zes categorieën klikt, dan vindt u de bijbehorende documenten.

Historie werkgroep water
De belangenvereniging Binnenstad Noord en haar voorloper houden zich ruim vijfentwintig jaar bezig met (grond)wateroverlast en bodemdaling.

Het startte in 1988 bij de complexgewijze renovatie van particuliere woningen in onze buurt. De renovatie vond plaats in het kader van stadsvernieuwing. Toen bleek dat veel huizen vochtproblemen hadden door de hoge grondwaterstand.

Na de rioleringsvervanging in 1992/93 kregen meer huizen vochtprobleem.

In 1995 is door ons tevergeefs bezwaar aangetekend tegen het verhogen van het peil in Delflands Boezem. Het water in de binnenstad van Delft is onderdeel van Delflands Boezem. Het grondwaterpeil was reeds hoog en de afstand tussen maaiveld en grachtniveau gering.

In 1997 werd de onttrekkingvergunning van DSM-Gist verlengd op een groter volume per jaar dan voorheen. Wij hebben ons, omdat de onttrekking leidt tot bodemdaling, toen gericht tot de Adviescommissie Deskundigen Grondwaterwet. Die heeft toen bepaald dat DSM de veroorzaker is voor 10-40% van de 37 cm bodemdaling sinds 1916. De Adviescommissie gaf aan dat er structureel overleg moest komen tussen DSM, HHD, Delft en de bewoners.

Het overleg heeft onder andere geleid tot een inventarisatie van alle waterproblemen in de buurt. Daarnaast liep in 1998 en 2000 door hevige regenval het water vanuit de gracht over de straat verschillende huizen in. In 2002 is besloten drainage aan te leggen in het openbare terrein en provisorische voorzieningen te maken om bij verwacht hoog boezempeil het gebied te kunnen afsluiten van de boezem. Tevens werd besloten de maaivelddaling in ons gebied permanent te monitoren. In 2010 zijn de provisorische afsluitingen vervangen door definitieve kantelsluizen en een gemaal bij de Duyvelsgatbrug om bij dichte sluizen het water uit het afgesloten gebied te kunnen wegpompen. De verwachting is dat op termijn de sluizen permanent dicht moeten.

In 2004 heeft DSM-Gist aangegeven dat zij wilde stoppen met de onttrekking, omdat het water niet meer nodig was voor het fabrieksproces. De onttrekkingsvergunning bevatte geen bepalingen ten aanzien van het stoppen van de onttrekking. Uit vrees voor schade als gevolg van het stoppen van de onttrekking hebben Delft (i.v.m. bouw Spoortunnel), HHD (instabiliteit dijken) en de provincie in 2009 de omtrekking overgenomen van DSM. Zij hebben hiervoor de Gemeenschappelijke Regeling Gondwateronttrekking Delft Noord (GR)opgericht. De provincie deed voor 5 jaar mee en is in 2014 uit de GR getreden. Het HHD had inmiddels het stabiliteitsprobleem opgelost en besloot ook uit de GR te treden en per 1 januari 2016 is Delft de enige eigenaar van de onttrekking. In 2017 is de ruwbouw van de 2e spoortunnelbuis met bijbehorende parkeergarage klaar en de gemeente wil de onttrekking dan gaan afbouwen. Wij verwachten als gevolg hiervan stijging van het grondwater en daardoor meer vochtproblemen, en ongelijke zwel van de ondergrond en daardoor scheurvorming in onze woningen. De gemeente geeft de indruk geen rekening te willen houden met deze problemen voor de bewoners.

Vragen
Heeft u vragen, vul dan het contactformulier in. Wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op.

rvrv

Het Rietveld begin twintigste eeuw en in 2016 (klik op figuur voor vergoting). Zie het afgenomen hoogteverschil tussen kademuur en grachtniveau. In de jaren tachtig is de kademuur nog met twee stenen (ca 10 cm) verhoogd.


DOCUMENTEN
Hieronder zijn per thema de belangrijkste documenten opgenomen.

Grondwateronttrekking Delft Noord (DSM-Gist)

In 1997 werd de onttrekkingvergunning van DSM-Gist verlengd op een groter volume per jaar dan voorheen. Zie de vergunning uit 1997 die in dit document is opgenomen (als bijlage bij de vergunning uit 2010). Wij hebben ons, omdat de onttrekking leidt tot bodemdaling, toen gericht tot de Adviescommissie Deskundigen Grondwaterwet. Die heeft toen bepaald dat DSM de veroorzaker is voor 10-40% van de 37 cm bodemdaling sinds 1916 in de Delftse binnenstad. De Adviescommissie gaf aan dat er structureel overleg moest komen tussen DSM, HHD, Delft en de bewoners. Zie het Nader advies van Commissie van Deskundigen Grondwaterwet over Grondwateronttrekking DSM-Gist (27 feb 2001). Vanaf dit moment vond viermaal per jaar het Bewonersoverleg Wateroverlast plaats. Het overleg gaat niet alleen over grondwater, maar over alle vormen van wateroverlast zoals het hoge grachtenpeil in de binnenstad.

In 2004 heeft DSM gemeld de onttrekking te willen verminderen en mogelijk zelfs geheel te beëindigen. Dit heeft in 2005 geleid tot een verkennend onderzoek naar de effecten hiervan in combinatie met de aanleg van de spoortunnel in Delft, de Quickscan.  Delft, het HHD en de provincie ZH hebben geprobeerd via de rechter af te dwingen dat DSM bleef onttrekken. Dit is afgewezen door de rechter (Rechtbank Den Haag, 20 juni 2007, zaaknr. 26233, r.o. 4.2). De Quickscan is in 2008 nader uitgewerkt in het Deltaresrapport en in de Monitoringstrategie.

De grondwateronttrekkingvergunning van 1997 en de latere bevatten de verplichting één maal per tien  jaar de in de vergunning verplichte deformatiemetingen te evalueren. De evaluatie over de periode 1997-2017 betreft echter slechts het samenvoegen van de meetgegevens. In april 2009 heeft de gemeente Delft “om de maatschappelijke belangen te behartigen” besloten samen het HHD en de provincie ZH de GR beheer grondwateronttrekking Delft Noord te vormen om de grondwateronttrekking DSM over te nemen en de onttrekkingsinstallatie te verplaatsen van het DSM terrein naar de Meeslaan. Met DSM is toen een overeenkomst gesloten ter beëindiging van het geschil.

Het voorgaande is uitgebreider beschreven in het artikel Vermindering grondwateronttrekking in Delft, in H2O. In juni 2010 heeft de provincie de onttrekkingsvergunning op naam van de GR gezet en heeft daarbij een aantal voorwaarden in de vergunning opgenomen waaraan voldaan moet worden bij reductie van de onttrekking. Op 11 oktober 2010 heeft de GR melding gedaan van een voorgenomen reductie van 1200 naar 1150 m3/uur. Op 26 november heeft de provincie aangegeven in te stemmen met de voorgenomen reductie. Deze voorgenomen reductie is nooit doorgevoerd door de GR. Op basis van deze toestemming is echter Delft van plan in 2017 de eerste reductie te gaan laten plaatsvinden.

In de jaren vanaf 2010 blijft de GR 1200 m3/uur oppompen. Een afnemende hoeveel water wordt geleverd aan DSM als koelwater. De rest van het water wordt afgevoerd via een persleiding. Hiertoe wordt een nieuw boostergemaal gebouwd. Er wordt niet tot reductie overgegaan, omdat dit tot grondwaterstijging en daardoor tot problemen bij de bouw van de Spoortunnel kan leiden. Conform afspraak met DSM wordt het puttenveld uitgeplaatst. Hiervoor wordt vergunning aangevraagd. Hiervoor wordt een MER opgesteld. Uit deze MER blijkt dat de verplaatsing kan leiden tot grondwateroverlast in de Indische buurt. De verplaatsing leidt in 2015 tot een aangepaste vergunning Ter voorbereiding op een reductie laat de GR een Geoptimaliseerd Monitoringplan maken. Over het jaar 2013 wordt er een nulmeting gedaan. Over het jaar 2015 wordt een tweede nulmeting gedaan. Deze meting moet nog gepubliceerd worden. De GR maakt jaarlijks een begroting die door de deelnemende partijen wordt goedgekeurd.

Vanaf de start van de GR lukte het ons steeds minder zaken besproken te krijgen in het Bewonersoverleg Wateroverlast. Dit viel ook ongeveer samen met het vertrek van de Watermanager bij de gemeente Delft. De gemeente zei van alle grondwater gerelateerde zaken: dit is aan de GR en niet aan ons. De gemeente wilde het overleg terugbrengen van viermaal naar eenmaal per jaar. Als compromis is hier uit gekomen tweemaal per jaar. Omdat het overleg zo weinig opleverde hebben wij in juni 2015 onze vragen per brief gesteld. Dit leidde niet tot een antwoord.

De provincie had bij de start aangeven slechts vijf jaar te zullen deelnemen en stapte daarom per 1 mei 2014 uit de GR. Het HHD gaf vervolgens aan per 1 januari 2016 uit de GR willen stappen. Delft heeft geprobeerd dit tegen te houden, dit is niet gelukt. Het college heeft in december 2015 aam de raad per brief laten weten dat er overeenstemming was bereikt met het HHD over de uittreesom en dat de GR per 1 januari 2016 opgeheven kon worden; hiertoe is een voorstel aan de raad gedaan. Wij hebben dit aangegrepen om in december en januari, ondersteund door een brief van ons, in te spreken in de raadscommissie Ruimte en Verkeer. Dit heeft toen direct antwoord opgeleverd op onze brief, inclusief die van juni 2015 (sic), alsmede de toezegging dat er actieve voorlichting over het onderwerp aan de bewoners komt.

In 2017 is de ruwbouw van de 2e spoortunnelbuis met bijbehorende parkeergarage klaar en de gemeente wil de onttrekking dan gaan afbouwen. Wij zijn op zich niet tegen het beëindigen van de onttrekking. Wij verwachten echter als gevolg hiervan een stijging van het grondwater en daardoor meer vochtproblemen, en ongelijke zwel van de ondergrond en daardoor risico op scheurvorming in onze woningen. In de periode van 1 tot en met 20 mei 2016 heeft er in Delft op Zondag een serie artikelen over de grondwateronttrekking Delft Noord gestaan. Voor een interview met twee leden van de Werkgroep Water klik hier. Wij hebben ook contact gelegd met de belangenverenigingen Onze Indische Buurt en met Olofsbuurt-Westerkwartier. Hoewel er in de gemeenteraad begrip was voor onze wensen (zie de vergadering van de commissie Ruimte en Verkeer van 19 januari 2016), bleek de ambtelijke praktijk weerbarstiger. Daarom heeft BBN mede namens de andere belangenverenigingen in de binnenstad ingesproken in de raadscommissie Economie, Financiën en Bestuur van juni. Wethouder Brandligt heeft daarna de volgende toezeggingen gedaan:

  • Delft neemt onze zorgen zeer serieus. Al het gemeentelijk handelen  is erop gericht juist schade te voorkomen.  Door monitoring  wordt  alles goed in de gaten gehouden en indien als er aanleiding is volgt er aanvullend onderzoek. Daarbij zit Delft aan de knoppen en kan dus ingrijpen.
  • De door ons gevraagde extra peilbuizen om ook de grondwaterstand op particuliere terreinen in ons gebied te kunnen volgen worden aangebracht.
  • Alle informatie die de gemeente heeft krijgen wij ook. De wethouder stuurt een brief naar de gemeenteraad met een overzicht van alle informatie die reeds gegeven is en die nog verstrekt gaat worden.

Inmiddels is er een afspraak gemaakt om over de extra peilbuizen te overleggen. Wij hebben nu ook de meest recente monitoring jaarrapportage, die over 2014, ontvangen. Voor het monitoring jaarrapport 2014, klik hier.

Grondwateronttrekking Nederland algemeen

(info volgt)

Water Delft overig

In 2000 is het Waterplan Delft, “Een Blauw Netwerk” verschenen. Dit plan bevat een integrale visie op alle wateraspecten. Daarnaast geeft het plan aan welke vervolgdocumenten er moeten komen. In onderstaand schema staan het Waterplan en de vervolgdocumenten aangegeven (klik op figuur voor vergoting).

wp


 

In de loop van de jaren zijn de diverse vervolgdocumenten verschenen.

Watersysteemanalyse
Dit is een onderzoek naar het functioneren van de waterhuishouding in de (stedelijke) polders van Delft,  klik hier

Waterstructuurvisie.
Dit is een onderzoek waarbij op basis van de principes van integraal duurzaam waterbeheer extra waterberging wordt gerealiseerd; zie Raadsvoorstel en Waterstructuurvisie.

Afkopelvisie
In dit visiedocument wordt aangegeven waar de kansen liggen voor het afkoppelen van verhard oppervlak van de riolering en op welke wijze dit te doen;

Grondwatervisie
In dit visiedocument wordt aangeven waar kansen liggen om op basis van het werk-met-werk-principe grondwateroverlast in de stad te verminderen of te voorkomen;

Binnenstad
Dit betreft de noodzakelijke maatregelen om de oostelijke binnenstad tegen wateroverlast te beschermen:

Herpolderen
De overdracht van taken op het gebied van het waterkwantiteitsbeheer en waterkeringenbeheer die nu bij de gemeente Delft berusten, aan het hoogheemraadschap van Delfland, klik hier.

Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP)
De uitwerking van de gemeentelijke watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater is opgenomen in het rioleringsplan (zie plan en raadsvoorstel). Sinds de Waterwet bevat het GRP ook een hoofdstuk Grondwaterzorg. Dit hoofdstuk Grondwaterzorg is gebaseerd op de hierboven genoemde grondwatervisie. De looptijd van het GRP 2012- 2015 is met een jaar verlengd. In 2016 moet er een nieuw plan komen. 

Ecologieplan 
Het Ecologieplan Delft 2004-2015 is in zekere zin opgegaan in de Nota Groen Delft 2012-2020 en het bijbehorende uitvoeringsprogramma

Oeverplan
Dit is opgesteld in 2001 en betreft het realiseren van natuurvriendelijke oevers. De huidige status van dit document in onbekend.

Het Waterplan Delft, “Een Blauw Netwerk” is na het verschijnen een aantal keren herijkt  Na herijking is de uitvoeringsperiode verlengd, uiteindelijk tot en met 2015.

In de Begroting Delft 2016 staat op bladzijde 63 (klik op figuur voor vergoting):

over waterplan

 

en op bladzijde 66 (klik op figuur voor vergoting):

wp

 

Watertoets
De Watertoets is een toets die bij ruimtelijke plannen (Bestemmingsplannen of bij de ruimtelijke onderbouwing van een omgevingsvergunning om af te wijken van een bestemmingsplan) moet worden uitgevoerd om na te gaan wat de gevolgen zijn voor de waterhuishouding. De gemeente moet deze toets uitvoeren ten behoeve van het hoogheemraadschap. Voorbeeld van een watertoets is dei actualisatie voor het bestemmingsplan Technopolis.

De hierboven genoemde beleidsdocumenten zijn alle randvoorwaarden bij het opstellen van bestemmingsplannen. Zie als voorbeeld H7 Milieu, bladzijde 66 en verder van het Bestemmingsplan Binnenstad 2012.

Serie van drie artikelen over de Watergebiedsstudie Delft in H2O:

Diverse artikelen over water in Delft:

Diverse documenten over water in Delft:

 

Water Delfland overig

(info volgt)

Water Nederland overig

(info volgt)

Relevante websites

http://bfnederland.nl “BFN is de Belangenvereniging Funderingsgedupeerden Nederland. Wij komen op voor de belangen van woningeigenaren met funderingsschade. De oorzaak van deze problemen ligt vaak buiten de invloedssfeer van de bewoner, maar deze draait wel op voor de volledige herstelkosten. Wij brengen gedupeerden in contact met lokale herstel initiatieven waardoor het woonperspectief van gedupeerden verbetert zodat ze kunnen blijven wonen in een toekomstbestendig huis.”

http://www.bij12.nl/ “De Waterwet biedt iedereen die denkt schade te ondervinden als gevolg van een onttrekking of infiltratie van grondwater waarvoor een watervergunning is afgegeven, de mogelijkheid Gedeputeerde Staten van de provincie waarin de schade zich voordoet, te verzoeken hiernaar een onderzoek in te stellen. Gedeputeerde Staten van alle 12 provincies hebben de landelijke, onafhankelijke AdviesCommissie Schade Grondwater (ACSG) ingesteld met als opdracht deze onderzoeken uit te voeren en de resultaten te verwerken in een advies aan betrokkenen.”

www.delft.nl De website van de gemeente Delft. Zie in het bijzonder http://delft.nl/Inwoners/Wonen_en_leven/Wonen/Wateroverlast

http://www.hhdelfland.nl/ De website van het Hoogheemraadschap van Delfland

http://www.infomil.nl/ “InfoMil is het centraal informatiepunt voor wet- en regelgeving op milieugebied en omgevingsdomein. InfoMil is de schakel tussen beleid en praktijk.”

http://www.kcaf.nl/ “Kenniscentrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) is een onafhankelijke kennis- en netwerkorganisatie. We zorgen voor het verzamelen, ontwikkelen en ontsluiten van kennis rond de aanpak en preventie van funderingsproblemen.”

http://www.riool.net/ “Stichting RIONED is hèt platform voor de rioleringszorg in Nederland. In RIONED participeren àlle partijen die bij de rioleringszorg betrokken zijn: overheden (rijk, provincies, waterschappen en gemeenten), bedrijven (leveranciers, adviesbureaus, inspectiebedrijven en aannemers) en onderwijsinstellingen.”

www.slappebodem.nl “Het Platform Slappe Bodem werkt aan het onder controle krijgen van de gevolgen van bodemdaling, bijvoorbeeld door innovatieve oplossingen en het delen van kennis. Het platform is er voor overheden. We werken nauw samen met kennisinstellingen en marktpartijen.”

http://www.vakbladh2o.nl/ “Op H2O-Online worden toegepast wetenschappelijke vakartikelen gepubliceerd. In maandblad H2O vindt u elke maand een prettig leesbare selectie van deze publicaties, artikelen over actuele en maatschappelijk relevante waterthema’s en praktische informatie van en voor de watersector.”